Van pijnlijke herinnering naar neutrale herinnering

Dominique Morsink
  | 
19 juni 2024

Herinneringen kunnen ons laten opstijgen van vreugde en ons laten zinken van ellende. Herinneringen zijn gedachten over iemand of over iets, welke al in het verleden liggen. Het is geweest en het kan weer komen en daarmee zijn ze licht en opwekkend. Als het is geweest en niet meer komt dan kunnen herinneringen zwaar en donker zijn. Herinneringen aan iemand die niet meer bij je is, die je heel erg mist, zijn een ware kwelling. Dat soort herinneringen zijn een groot onderdeel van rouw, van de reden waarom rouwen om iemand zo pijnlijk is. Als je midden in de rouwende storm staat, en zelfs het kalmere epicentrum niet kunt bereiken, dan draag je vaak de vurige wens om te kunnen vergeten. De pijn van iemand missen kan zo groot zijn, dat het je volledig overstijgt, dat het buiten je gehele omlijsting sijpelt en daarmee geen enkele ruimte meer voor gewoon zijn overlaat. Dat is bijna niet te dragen. Het is logisch dat je wilt vergeten. Dat je de herinneringen kwijt wilt die je kwellen en plagen. We kunnen alleen niet vergeten. En hoe meer we ons best doen om te vergeten, hoe meer we eraan denken. Wat je wel kunt doen is jezelf leren om van de pijnlijke herinnering een neutrale herinnering te maken. Neutraal betekent niet dat je ineens weer blij wordt van die herinneringen, en ook zeker niet dat je iemand niet meer mist. Het betekent wel dat je de pijnlijke fysieke sensaties bij de herinneringen niet meer ervaart, waardoor ze beter draagbaar worden. 

 

Wanneer een herinnering pijnlijk is dan trekt er een golf van ellende door je heen zodra je een specifieke herinnering krijgt. Je hoofd vult zich met beelden en je buik direct opvolgend met zuur. Het is een weeïge golf die rond je organen cirkelt en bij de herinnering samentrekt en alles een zure sensatie geeft. Je maag knijpt samen, het zuur trekt door je keel, het voelt verdrietig. Het is razendsnel van hoop naar rouw, van omhoog naar omlaag, van licht naar donker gaan. Je denkt aan wie je mist en die persoon is sterk geassocieerd met liefde en hoop, wensen en verlangen.  Als de associatie niet meer zou bestaan dan bestaat de pijnlijke herinnering niet meer, dan is het een simpel terugdenken-aan geworden. En een sterke associatie van liefde kun je niet zomaar ontkoppelen, als iemand eenmaal in je hart zit dan blijft die persoon daar zitten. Die associatie – een liefde verbinding – wil je ook niet loskoppelen omdat het je hart vult met mooie dingen. Het is je eigen schatkist, met liefde voor jezelf en anderen. Ook met pijnlijke randen is die schatkist essentieel voor jouw bestaan. 

 

De herinnering komt, je liefdevolle associaties drijven boven, je voelt je omhoog gaan, verheugd raken – alles in minder dan een fractie van een seconde – om vervolgens in een duikvlucht op de grond te pletter te slaan. In die duikvlucht – als in een achtbaan – draait je maag zich om en trekt de ellendige golf zich acuut samen en knijpt daarmee het zuur door al je organen. Je keel snoert dicht waardoor je adem stokt. Het gebeurt zo snel dat je de weg naar boven – de verheugdheid – vaak niet eens herkent, de snelle weg omlaag, waarin alles akelig voelt, is wat je bij blijft. 

 

Wanneer je leert om een neutrale herinnering te maken van een pijnlijke herinnering dan ontdoe je jezelf van de duikvlucht omlaag. En dan van de snelheid van de duikvlucht in het bijzonder. Wanneer het missen van iemand nog rouwen is, dan kun je niet op de top van je verheugdheid blijven hangen. Dat is niet realistisch. Binnen rouw kun je jezelf niet verheugd blijven voelen door herinneringen aan iemand die je heel erg mist. Zodra je dat wel kunt betekent het dat je de fase van rouw uit bent gewandeld en in het zonnetje zit te genieten van het uitzicht. Rouwen betekent in beweging blijven, je kunt niet stil staan bij degene die je mist, daar word je onrustig van, het steekt je, het is als met blote voeten op een met kapot glas overladen pad staan. Het kan niet omdat het pijnlijk is. Binnen rouw pees je zenuwachtig heen en weer, iedere keer als er iets doet-denken-aan, keer je om en loop je weg. Het is geen rustig wandelen. Het is ijsberen, strompelen, sluipen, sprinten, rennen, op de grond krullen, opspringen, schreeuwen zonder geluid en aan je haren trekken. Uit de rouw kom je ook niet ineens tevoorschijn. In de rouwstorm is het donker, aan de randen juist lichter. Je komt steeds vaker bij de randen in de buurt. Af en toe steek je een voet over de grens en steeds vaker neem je er een kijkje. Je gaat er heen en komt weer terug. Totdat de dag komt dat teruggaan niet meer nodig is omdat je hebt ervaren dat je daarmee degene die je mist niet achterlaat. Je hebt gemerkt dat je hem met je meebrengt. En dat je aan hem terug kunt denken zonder de pijn. Dat de verheugdheid er weer is. Dat je weer blij wordt, licht bent, van het terug-denken-aan. Een groot onderdeel van rouwen is dat je nog niet los kunt laten. Je bent bang dat je dan iets heel belangrijks verliest. Je bent bang dat je met loslaten de ander verloochend, dat je zegt dat het toch niet zo belangrijk was. Je hebt tijd nodig om dit anders te kunnen gaan zien. Je hebt de korte uitstapjes uit de rouwstorm nodig om nieuwe perspectieven te krijgen. 

 

Nu ben je nog niet zover. Je bent nog in die storm. Herinneringen doen nog pijn. Je gaat nog razendsnel omhoog en nog sneller naar beneden. Je hebt tijd, je hoeft niks te overhaasten. Het is goed voor je om te weten wat er in de toekomst voor je klaar ligt, op je ligt te wachten. Voor nu ga je jezelf helpen door de achtbaan rit naar beneden te veranderen in een gevoel wat veel beter te dragen is. Het is de snelheid van de beweging die zwaar is, die je misselijk maakt en het is de diepte van het eindpunt wat geen fijne plek is. 

 

Dit is wat er gebeurd. 

De herinnering ontstaat in je gedachten. 

Vanwege de liefdes associaties trekken je vlinders je omhoog. Het voelt goed. Fracties van een  seconde. Het neemt net zo weinig ruimte in als het proton van een atoom. 

Vanwege het missen stort je in een duikvlucht omlaag waardoor je organen door je buik slaan. Dit gevoel neem je waar, dit gevoel duurt lang en kun je ook bewust langer laten duren. 

 

Je gaat leren het opkomen van de herinnering te herkennen. Daar begint het mee. We denken de hele dag door zoveel verschillende gedachten, dat je er niet meer steeds bij stil staat. Het kan je op ieder moment overvallen. Het kan ook zijn dat je de herinnering bewust erbij haalt, omdat je opgerold in bed ligt en aan hem moet denken, misschien zelfs wel wilt denken. Hoe dan ook, het begin van de herinnering leer je aan jezelf opmerken. 

 

Probeer dan te voelen wat ik omschrijf, de verschillende sensaties op te merken van het omhoog gaan en naar beneden storten. Je doet niks anders dan dit. Voel wat er gebeurt. Dat is moeilijk en pijnlijk, maar je kunt het, je overleeft het. Het is belangrijk om open te staan voor de gevoelens die je hebt. Stop het niet weg, went je ogen niet af, ervaar. Als je voelt dat je de duikvlucht naar beneden vasthoudt, dat je bewust inhaakt op de herinnering en deze uitbreidt met extra beelden, dan is het belangrijk om hiermee te stoppen. Je maakt er op dat moment een verhaal van. Het is als een trein die aan je voorbij rijdt, terwijl jij op je thuisstation staat, een trein gevuld met herinneringen. Je kunt er niks aan doen dat de trein rijdt, je kunt er wel zelf voor kiezen om in te stappen of niet. Als je instapt dat haak je in op de herinnering en vul je die aan. Op het moment dat dit je vult met verdriet kun je dat beter laten. Je maakt het moeilijker voor jezelf dan nodig is. Je automatische en onbewuste herinneren vorm je om tot een bewust proces waarin je een verhaalplot smeedt. Ergens een verhaal van maken is niet nodig, het voegt niks toe. Als je ervoor kiest om de trein voorbij te laten rijden dan laat je de herinnering komen en weer gaan. Onbewust en automatisch wordt bewust en blijft automatisch, zonder verhaal. Geen extra zwaarte. Dat is niet aardig voor jezelf. Gewoon toekijken, zien komen, blijven staan, laten rijden. 

 

Als je het kunt voelen en je opmerkt wat er in je lichaam gebeurt dan kun je beginnen met het omvormen van je negatieve sensaties naar neutrale sensaties. Je hebt er aandacht voor nodig. Je sluit je ogen zodra de herinnering er is. Je kijkt er snel naar en richt je aandacht dan op je ademhaling. Zodra de fysieke pijn komt die een beweging omlaag maakt adem je heel diep in waardoor je buik omhoog komt. Je ademt als het ware in een tegengestelde richting. Je blijft zo lang als nodig op deze manier ademen, steeds als het omlaag gaat (wanneer het pijn doet) adem je in en daarmee je buik omhoog. Je uitademen laat je gewoon gaan zoals ze gaat. Het zal niet gelijk voor verlichting zorgen, het is een oefening die je moet blijven herhalen. Steeds meer zal het de duikvlucht kunnen vertragen totdat je merkt dat je bij de herinnering op een neutraal niveau blijft steken. Alles blijft op haar plek, je hebt jezelf kunnen acclimatiseren. Je hebt verdriet, je rouwt, niemand neemt het van je af, je hoort daar te zijn, je kunt daar zijn, je kunt daar nu beter zijn omdat je lichaam zich prettiger voelt. Blijven ademen. Omhoog gaan in plaats van naar beneden te storten. Het zal je helpen.

Artikel uit de categorie:
Forest People

0 Reacties op "Van pijnlijke herinnering naar neutrale herinnering"

Geef een reactie op dit artikel

© 2026 DMW Consultancy - Powered by Maatos