Als je eenmaal je doel helder voor ogen hebt, dan is het tijd om te leren luisteren naar je intuïtie. Het is erg gemakkelijk om jezelf te verliezen in zaken die niet nuttig zijn of te veel tijd te verliezen aan het uitwerken van details. Dat kan allemaal later nog, als je het doel bereikt hebt en daarmee de tijd hebt gekregen om hiermee bezig te zijn. Als je nog ergens wilt komen dan is dit te veel afleiding van de weg die je moet bewandelen en kom je nooit bij je doel uit. Van binnen weet je heel goed of je goede dingen aan het doen bent, of dat je in de marge aan het rommelen bent. Leer te luisteren naar jezelf. Hoor je jezelf denken dat dit niet nuttig is of word je onrustig, kun je het gevoel van flow niet te pakken krijgen? Stop dan en ga opnieuw overwegen wat wel goed voelt om te doen.
Focus op de architect ipv op de aannemer
Maak een duidelijk beeld van wat je wilt bereiken voor jezelf. Jij bent de architect van je eigen dromen. Als je dit voor jezelf bepaalt dan ben je niks anders dan deze architect. Je bent niet de aannemer die moet gaan bedenken hoe je dit voor elkaar kunt krijgen. De architect houdt zich bezig met de eindbestemming, een aannemer houdt zich bezig met de route om daar te komen.
Als je naar de route gaat kijken dan zie je zonder meer veel beren op de weg. Je bijt je ook vast in deze route en bent minder flexibel om andere routes te proberen als het tegenzit.
Het gaat erom: wie wil je zijn. En niet: wie wil je worden.
Jouw focus hoort altijd bij het eindresultaat te liggen. Om daar te komen zet je steeds kleine stapjes in de goede richting. Het liefste wil je dat je direct het eindpunt in zicht hebt. Of dat je al direct weet wat de beste manier is om je doel te bereiken. Als je daar vervolgens over na gaat denken dan ontstaan de volgende gedachten:
1. Nu je een eindpunt in zicht hebt zie je ook gelijk een dierentuin op de weg daar naartoe staan.
2. En de beste manier om je doel te bereiken betekent dat je er al verdomde goed in moet zijn om het doel te bereiken.
Deze gedachten zijn desastreus. Waarom? Nou, omdat de eerste ervoor zorgt dat je aan alle problemen gaat denken die je onderweg kunt tegenkomen. En daarmee het behalen van een doel als onmogelijk gaat ervaren. Het tweede zorgt ervoor dat je de lat heel erg hoog voor jezelf legt: je begint er pas aan als je er al goed in bent. Dat moment is vandaag niet. Morgen ook niet. En onvermogen nog steeds niet. Zo schuif je het doel voor je uit en maak je het behalen onmogelijk.
Het gevolg hiervan is dat je niet start met je doel. Er komt geen enkele dag waarop je er gewoon eens iets aan gaat doen, omdat op geen enkele dag het startsignaal gegeven kan worden.
Zal ik je wat vertellen? Een doel heeft geen startsignaal.
Wat kun je dan wel doen?
Je maakt iedere dag 15 minuten (of 30 als je dat lukt) vrij om bezig te zijn met je doel. Die bezigheden kunnen van alles zijn zolang het maar iets te maken heeft met het doel. Het hoeft op geen enkele wijze – voor jouw gevoel – bij te dragen aan het realiseren ervan. Daar gaat het niet om. Het gaat erom dat je jezelf langzaam leert dit doel op te nemen in je drukke leven. Het wordt een gewoonte die je gemakkelijk in stand kunt houden. Zo heb je een taak toegevoegd aan je lineaire tijd-as. Alle bezigheden die je uitvoert in het kader van dit doel zorgen ervoor dat je jouw focus houdt op het doel en niet op drempels en hobbels. Je enige doel is om bezig te zijn met je doel. Het gaat er niet om dat het perfect moet zijn, of dat je het in een bepaalde tijdspan moet behalen. Het gaat erom dat je iedere dag een klein beetje energie steekt in je doel. Dat is jouw definitie van het werken aan je doel. Dit klinkt heel erg simpel. En dat is het ook. Het mislukken van een doel – of juist er helemaal niet eens aan beginnen – heeft ermee te maken dat we het veel te ingewikkeld maken.
Zet iedere dag een stap
Werk iedere dag aan je doel. Blijf er dagelijkse energie aan toevoegen. Als je weinig tijd hebt doe je wat minder en de dag erna wat meer. Stem je dagelijks volledig af op je doel. Denk je doel. Voel je doel. Dan zal je omgeving zich ook zo gaan gedragen. Magie of geen magie. Het werkt. Ik denk zelf dat het pure natuurkunde is, een stukje natuurlijke intelligentie waar we nog helemaal geen weet van hebben. Probeer het maar uit. Je kunt een to-do-lijst gebruiken waarop je alleen de eerstvolgende actie zet die je dichter bij je doel brengt.
Wet van Parkinson: je bent net zo lang met een taak bezig als de tijd die je ervoor hebt. Baken taken dus af en stel jezelf een gekwantificeerd doel. Iedere dag één uur. Iedere week vijf nieuwe klanten. Enzovoort.
Om je doelen te bereiken hoef je niet per definitie hard te werken. Daarentegen word je ook niet succesvol als je niks meer doet. Maar iets doen wat je dichterbij je doel brengt en daarmee richting succes hoeft geen tien uur van je dag te kosten. Beter van niet zelfs. Niemand kan zoveel uur echt goed bezig zijn en niemand heeft die tijd over. Het gaat er vooral om dat je de goede dingen doet en dat je er iedere dag iets aan doet.
Leer vertrouwen op je innerlijke kompas
Als je eenmaal je doel helder voor ogen hebt, dan is het tijd om te leren luisteren naar je intuïtie. Het is erg gemakkelijk om jezelf te verliezen in zaken die niet nuttig zijn of te veel tijd te verliezen aan het uitwerken van details. Dat kan allemaal later nog, als je het doel bereikt hebt en daarmee de tijd hebt gekregen om hiermee bezig te zijn. Als je nog ergens wilt komen dan is dit te veel afleiding van de weg die je moet bewandelen en kom je nooit bij je doel uit. Van binnen weet je heel goed of je goede dingen aan het doen bent, of dat je in de marge aan het rommelen bent. Leer te luisteren naar jezelf. Hoor je jezelf denken dat dit niet nuttig is of word je onrustig, kun je het gevoel van flow niet te pakken krijgen? Stop dan en ga opnieuw overwegen wat wel goed voelt om te doen.
Focus op de architect ipv op de aannemer
Maak een duidelijk beeld van wat je wilt bereiken voor jezelf. Jij bent de architect van je eigen dromen. Als je dit voor jezelf bepaalt dan ben je niks anders dan deze architect. Je bent niet de aannemer die moet gaan bedenken hoe je dit voor elkaar kunt krijgen. De architect houdt zich bezig met de eindbestemming, een aannemer houdt zich bezig met de route om daar te komen.
Als je naar de route gaat kijken dan zie je zonder meer veel beren op de weg. Je bijt je ook vast in deze route en bent minder flexibel om andere routes te proberen als het tegenzit.
Het gaat erom: wie wil je zijn. En niet: wie wil je worden.
Jouw focus hoort altijd bij het eindresultaat te liggen. Om daar te komen zet je steeds kleine stapjes in de goede richting. Het liefste wil je dat je direct het eindpunt in zicht hebt. Of dat je al direct weet wat de beste manier is om je doel te bereiken. Als je daar vervolgens over na gaat denken dan ontstaan de volgende gedachten:
1. Nu je een eindpunt in zicht hebt zie je ook gelijk een dierentuin op de weg daar naartoe staan.
2. En de beste manier om je doel te bereiken betekent dat je er al verdomde goed in moet zijn om het doel te bereiken.
Deze gedachten zijn desastreus. Waarom? Nou, omdat de eerste ervoor zorgt dat je aan alle problemen gaat denken die je onderweg kunt tegenkomen. En daarmee het behalen van een doel als onmogelijk gaat ervaren. Het tweede zorgt ervoor dat je de lat heel erg hoog voor jezelf legt: je begint er pas aan als je er al goed in bent. Dat moment is vandaag niet. Morgen ook niet. En onvermogen nog steeds niet. Zo schuif je het doel voor je uit en maak je het behalen onmogelijk.
Het gevolg hiervan is dat je niet start met je doel. Er komt geen enkele dag waarop je er gewoon eens iets aan gaat doen, omdat op geen enkele dag het startsignaal gegeven kan worden.
Zal ik je wat vertellen? Een doel heeft geen startsignaal.
Wat kun je dan wel doen?
Je maakt iedere dag 15 minuten (of 30 als je dat lukt) vrij om bezig te zijn met je doel. Die bezigheden kunnen van alles zijn zolang het maar iets te maken heeft met het doel. Het hoeft op geen enkele wijze – voor jouw gevoel – bij te dragen aan het realiseren ervan. Daar gaat het niet om. Het gaat erom dat je jezelf langzaam leert dit doel op te nemen in je drukke leven. Het wordt een gewoonte die je gemakkelijk in stand kunt houden. Zo heb je een taak toegevoegd aan je lineaire tijd-as. Alle bezigheden die je uitvoert in het kader van dit doel zorgen ervoor dat je jouw focus houdt op het doel en niet op drempels en hobbels. Je enige doel is om bezig te zijn met je doel. Het gaat er niet om dat het perfect moet zijn, of dat je het in een bepaalde tijdspan moet behalen. Het gaat erom dat je iedere dag een klein beetje energie steekt in je doel. Dat is jouw definitie van het werken aan je doel. Dit klinkt heel erg simpel. En dat is het ook. Het mislukken van een doel – of juist er helemaal niet eens aan beginnen – heeft ermee te maken dat we het veel te ingewikkeld maken.
Zet iedere dag een stap
Werk iedere dag aan je doel. Blijf er dagelijkse energie aan toevoegen. Als je weinig tijd hebt doe je wat minder en de dag erna wat meer. Stem je dagelijks volledig af op je doel. Denk je doel. Voel je doel. Dan zal je omgeving zich ook zo gaan gedragen. Magie of geen magie. Het werkt. Ik denk zelf dat het pure natuurkunde is, een stukje natuurlijke intelligentie waar we nog helemaal geen weet van hebben. Probeer het maar uit. Je kunt een to-do-lijst gebruiken waarop je alleen de eerstvolgende actie zet die je dichter bij je doel brengt.
Wet van Parkinson: je bent net zo lang met een taak bezig als de tijd die je ervoor hebt. Baken taken dus af en stel jezelf een gekwantificeerd doel. Iedere dag één uur. Iedere week vijf nieuwe klanten. Enzovoort.
Om je doelen te bereiken hoef je niet per definitie hard te werken. Daarentegen word je ook niet succesvol als je niks meer doet. Maar iets doen wat je dichterbij je doel brengt en daarmee richting succes hoeft geen tien uur van je dag te kosten. Beter van niet zelfs. Niemand kan zoveel uur echt goed bezig zijn en niemand heeft die tijd over. Het gaat er vooral om dat je de goede dingen doet en dat je er iedere dag iets aan doet.
-
Voeg notitie toe